Recent Posts

post Tweede plaats bij het BDO-toernooi

Afgelopen week speelde ik voor het eerst sinds het NK weer een toernooi, het BDO-toernooi in Haarlem. De dertig ratingpunten die ik op het NK verloor hakten er stevig in en ik had dus even geen zin om een toernooi te spelen, maar het werd weer eens tijd. Het was wel een spannend en belangrijk toernooi voor me: zou mijn rating een vrije val vertonen, of was het NK gewoon een incident? Het laatste zo bleek, althans, ik haalde een overscore met 6.5 uit 9. Een halfje minder als vorig jaar, dat wel, en een halfje minder ook dan de Rus Turov, maar een halfje meer dan de GM-norm.

De loting was gunstig voor me: ik mocht met wit beginnen tegen de Hongaarse GM Flumbort, vorig jaar winnaar van de challengers-groep. Dit jaar was hij minder goed in vorm, al kwam dat misschien ook wel door de slechte start:

N2r2k1/1p1b1p1p/p3pp2/2q1P3/3p4/P5P1/P4PBP/3Q1RK1 b – – 0 20

Zwart moet kiezen: het paard op a8 slaan of laten staan? Hij koos voor het eerste: 20…Txa8? na 20…fxe5! 21.Lxb7 Tb8 heeft zwart genoeg compensatie voor de niet erg mobiele hengst in de hoek. 21.fxe5 Kh8 22.Lxb7! Natuurlijk keek ik naar mogelijkheden om zwart mat te zetten, maar er zit niets geforceerds in. Dan maar een andere strategie: materiaal pakken en behouden. 22..Tg8 23.Dd2! Om na 23…De5 24.Td1 waarna d4 valt. Verder is Le4 en Dh6 een latente dreiging. 23…Lb5 24.Te1 d3? 25.Le4 Nu dreigt 26.Dh6 dus. Zwart voorkomt dat door dameruil aan te bieden, maar het eindspel is door de sterke pion op f6 makkelijk gewonnen. 25…Dg5 26.Dxg5 Txg5 27.a4 Lxa4 28.Lxd3 Lb5 29.Le4 Tc5 30.Td1 Tc8 31.Kg2 h6 32.f3 Kg8 33.Kh3 Kf8 34.Kg4 Ke8 35.Kh5 1-0

Een mooie start, die ik meteen weer verpeste door in de tweede ronde met zwart te verliezen van de Duitse FM Markgraf. De volgende stelling was tekenend voor de partij:

2R1b1k1/4r2p/pq2p1p1/1p1pQ1P1/1P1P4/P6B/6PP/6K1 b – – 0 46

Zwart kan nauwelijks meer bewegen, al hield ik het nog tien zetten vol.

Tegen Benjamin Bok kreeg ik een stelling die er remise-achtig uitzag:

1r4k1/pp2rpp1/q6p/1R2pb2/2P1B3/3P2P1/P3QP1P/4R1K1 b – – 0 20

Er zijn al veel stukken van het bord af en wit en zwart hebben evenveel zwaktes. Wit staat echter net iets actiever waardoor er wat kleine kansjes voor hem zijn.

21…Bxe4 21.Dxe4 Tbe8 22. a4 Dxa4 23. Txb7 Txb7 24. Dxb7 Da5?! 25. Tb1 Dc3 26. Dd5 a5?! (26…Te6 27. Tb7 Tf6) 27. Tb7 Tf8 28. Ta7

5rk1/R4pp1/7p/p2Qp3/2P5/2qP2P1/5P1P/6K1 b – – 0 28

Er is heel wat gebeurd sinds het vorige diagram: wit’s dame en toren staan dominant en de c-pion is heel gevaarlijk.

28…Da1+ 29. Kg2 a4 30. c5 Dd1 31. c6 Db3 32.Dd7 Dc2 33. c7 e4 34. Txa4 e3 35. Tf4 e2 36. Txf7 Dit had hij gemist, al wint 36.Te4 ook. 36…e1P+ 37. Kf1 Txf7 38. c8=D+ Tf8 39. Dd5+ Kh7 40. Dxf8 1-0 Wel leuk: een minorpromotie en drie dames in de slotstelling.

Herman Grooten analyseerde mijn partij tegen Robert Ris (die verder ongeslagen bleef) maar ik wil daar nog een moment uitpikken.

r2nr1k1/2pbq1pp/1p1p1b2/p2P1p2/2PN1P2/PPB5/3QP1BP/2R2RK1 w – – 0 20

Wit staat iets actiever, maar heeft wel een achtergebleven e-pion. Met de volgende zet wordt dat probleem opgelost: 20.e4! Het voordeel van deze zet is vooral dat de f-pion naar f5 kan om een octopus op e6 te ondersteunen. 20…fxe4 21.Tce1 e3 22.Dd3 Lh4 23.Te2? Hier had Robert consequent moeten zijn en met 23.Pe6! de kwaliteit moeten offeren. Na 21…Lf2+ 22.Txf2 exf2+ 23.Kxf2 Lxe6 24.dxe6 Ta7 25.f5 heeft wit met twee mooie lopers en een gedekte vrijpion meer dan genoeg compensatie voor de kwaliteit. In de partij had wit na 23…Lg4 24.Pf5 Lf2+ 25.Kh1 Lxf5 26.Dxf5 Df7 niet helemaal genoeg compensatie voor de pion achter en wist ik uiteindelijk te winnen.

Gil Popilsky offerde juist ten onrechte een kwaliteit:

1q1r1rk1/2b2ppp/p1b1pn2/2P1p3/1P2P3/1NQ2P2/1N2B1PP/2RR3K b – – 0 23

Wit staat beter en daarom wilde hij waarschijnlijk de stelling compliceren: 23…Td4? 24.Pc4? Vrij snel gespeeld, maar na 24.Txd4! exd4 25.Pxd4 hangt een loper en heeft zwart geen tijd om op h2 te slaan. Ik had echter zijn volgende zet verwacht en gezien dat ik dan zou winnen: 24…Lb5? 25.Pxd4! exd4 26.Txd4 Lxh2 27.e5 Ook de kwaliteit teruggeven met 27.Pd6 is hier goed. 27…Lxc4 28.exf6 Lxe2 Ik had van tevoren deze stelling als gewonnen ingeschat, maar toen ik de stelling daadwerkelijk op het bord kreeg bleek het toch niet zo simpel. Na b.v. 29.De2 komt 29…De5 en wit kan door ruilen en Te3 dan wel een kleine kwaliteit terugwinnen, maar staat in het toreneindspel dan een pion achter. Na lang nadenken vond ik toch een winst: 29.Dd2! Er zat nog een andere winst in: 29.Tg4 De5 30.De1! wint ook een stuk. 29…Le5 Op 29…De5 komt nu 30.Td8! gxf6 31.Txf8+ Kxf8 32.Dh6+ Kg8 33.Dxh2 30.Tg4 Lxf6 31.Dxe2 h5 32.Te4 1-0 Tot mijn verbazing gaf hij hier op, maar goed, wit zet pionnen op f4 en c7 en zijn dame op c6 waarna er weinig hoop voor zwart is.

Mijn partij tegen Thomas Willemze was wisselvallig. Ik laat ‘m in diagrammen zien:

3r2k1/5pbp/2b1p1p1/4P2P/1p2qP2/4B1Q1/1P2N1P1/4R1K1 b – f3 0 28

Het is veilig te stellen dat mijn loper op c6 beter is dan zijn paard. 28…gxh5 was hier een goed idee, al bleef ik na 28…Lf8 ook goed staan. Maar ik liet het bijna uit de hand lopen:

2r2bk1/5p2/4p1p1/3bP3/5P2/1p2B1Q1/1P1R1NPK/1q6 w – – 0 36

Opeens wordt zijn paard actief via g4. Dat was niet de bedoeling! Zijn 36.Td1 had ik echter niet verwacht, en in plaats van op b2 te slaan (ik was bang voor 37.f5, maar simpel 37…Lg7 wint dan) ging ik naar f5. Toen kon ik dame- en paardruil niet vermijden, en ontstond een eindspel met torens en ongelijke lopers waarin ik gelukkig nog beter stond.

6k1/5p2/4pP2/7p/4bP2/1p2B3/1PrR2PK/8 w – – 0 43

Zwart wil met Kh7-g6 pion f6 gaan ophalen (en wit kan geen Ld4 doen met de toren op d2, en na ruil op c2 ook niet). Thomas probeerde het stellingsprobleem op te lossen door 43.g4!? hxg4 44.Kg3 en ik dacht ook dat hij daarmee een vesting had, maar opeens wist ik die te breken:

6k1/5p2/4pP2/4Bb2/5Pp1/1p4K1/1P1R4/7r w – – 0 50

50.Td4? Ik vermoed dat 50.Th2 nog net remise maakt. 50…Th3+ 51.Kg2 Kh7 De koning kwam erbij, de loper ging via c2,d1 en f3 op d5 waarna hij beide f-pionnen kwijtraakte en ik won.

Dat was ook mijn laatste wapenfeit van het toernooi: tegen Turov kreeg ik kleine winstkansen in het eindspel, maar het was niet genoeg en tegen Robin van Kampen had ik nergens in de partij enig voordeel. Ik ging de laatste ronde wel in met een goede kans op de toernooioverwinning: Turov en ik hadden beiden 6 punten, maar hij had zwart tegen Markgraf, terwijl ik wit had tegen Peng, die vijf partijen op een rij had verloren. Maar na een paar onnauwkeurige zetten waren al mijn winstkansen tegen mijn voormalige clubgenote verdwenen, terwijl de Rus een goede partij won en daarmee ook het toernooi. Die laatste ronde was voor mij dus wel teleurstellend, maar een TPR van 2630 is niet slecht.


post Het slechtste toernooi uit mijn leven

Je geliefde verbreekt je relatie. Pim Fortuyn doodgeschoten. Het Nederlands elftal uitgeschakeld op het WK. De volgende dag word je wakker en denk je “Het is echt gebeurd, het was geen droom…” en je verlangt naar de dag van gisteren, toen het nog niet gebeurd was, toen je nog onbekommerd opstond. En dat heb ik ook bij de 2 uit 9 op het NK. Was het maar opnieuw 9 juni, ik zou alles anders gaan doen, beter doen…. maar ja, het is gebeurd, in het echte leven kun je geen Ctrl-Z doen, het resultaat blijft voor eeuwig staan. En ik moet het drama ook niet overdrijven, het dagelijks leven is niet veranderd, alles gaat gewoon zijn gangetje. Het is alleen maar een half jaar hard werken wat in anderhalf week ongedaan gemaakt is (en misschien bestaat ctrl-z dus toch).

Maar hoe kwam het dan? Was het het eten in het hotel, dat de eerste dag vegetariersvriendelijk leek, maar daarna toch tegenviel? Of dat er geen gratis draadloos netwerk in de hotelkamers beschikbaar was? Dat ik voor vervoer van hotel naar speelzaal en terug afhankelijk was van auto’s van de organisatie? Dat mijn laptop het einde van het toernooi niet haalde? Nee, dat waren slechts lichte ongemakkelijkheden. Bovendien was naast het hotel een minibos waar het fijn wandelen was, en de speelzaal was ook prima in orde. Nee, de omstandigheden kan ik het niet verwijten.

Maar helemaal 100% voelde ik me niet, ik had een vreemde ziekte, sliep niet zo goed en was niet 100% gefocust. Het had anders kunnen lopen als ik op bepaalde momenten andere dingen had gedaan, en als mijn start niet zo slecht was geweest. Het begon al de eerste ronde: met zwart tegen Benjamin kan ik natuurlijk op safe spelen, maar ik wilde winnen, nam onverantwoorde risico’s, en verdedigde daarna ook niet goed:

r3kr2/1p3p1p/4pRp1/1q1pP1P1/p1nP4/P7/1PB2QPP/1R5K b q – 0 27

Ik had hier een verdediging met Dd7 en Tc8 in mijn hoofd, maar had even gemist dat de volgorde uitmaakt: 27…Tc8? 28.Tbf1 En nu kwam ik erachter dat op 28…Dd7 wit wint met 29.Lxa4 gevolgd door slaan op f7. 28….Pe3? Na 28…Kd8 raakt zwart gewoon een pion kwijt, maar kan dan nog vechten. 29.Lxa4 Dxa4 30.Txe6+ Kd7 31.Td6+ Kc7 32.Dxe3 en met twee pionnen meer won wit makkelijk.

De slechts mogelijke start dus, maar goed, nog acht ronden te gaan, te beginnen met wit tegen Sipke. Vaak heb ik remise tegen hem gespeeld, maar afgelopen jaar op het NK won ik, dus dit keer weer misschien? In de opening bereikte ik echter niet veel en het was niet raar geweest (en misschien verstandig) als ik zijn remise-aanbod na 14 zetten aannam. Maar ik vond dat toch wel vroeg, en bovendien zat er best spel ik de stelling, dus ik speelde door. Ik kwam iets minder te staan, hij liet het even glippen, en het moment van de partij kwam op zet 27:

4k2r/1pq1b2b/p1p1np1p/8/P1N2p1N/2Q1P3/1P3PBP/3R2K1 w k – 0 27

Zwart heeft net een pion gewonnen, maar zijn koning staat wel in het midden, en dat geeft mogelijkheden voor wit. Ik zat vooral naar veld d7 te kijken, maar had mijn aandacht beter op een ander veld kunnen richten. 27.Lh3? Heel sterk was hier 27.Pd6+! Na 27…Lxd6 28.Dxf6 wint wit met voordeel materiaal terug. Zwart kan ook 27…Kf8 doen. Een plausibel vervolg is dan 28.Dc4 Dd7 29.Lh3 Lxd6 30.Lxe6 De7 31.exf4 b5 32.axb5 axb5 33.Da2 en wint. 28…Pg5 is een betere verdediging, maar het is niet zo’n fijne stelling voor zwart. De partij was echter wel heel fijn voor zwart. 27…Pg5 28.Lg4 Tg8 Dit had ik natuurlijk verwacht, ik had alleen gemist dat na 29.Td7 Pe4 wit materiaal verliest. Helaas wint zwart na andere zetten ook materiaal. 29.Kf1 Pe4 30.Lh5+ Kf8 31.Dd4 Tg5 32.Lg6 32.Lf3 Td5 verliest ook. 32…Txg6 33.Pxg6+ Lxg6 en zwart won.

Nul uit twee, dan maar remise maken met het Turbo-Russisch tegen Jan Smeets. De opening ging ook goed voor me: hij moest lang denken, ik kon het vlot spelen en begon na te denken in de volgende stelling:

r2q2k1/ppp2ppp/1nnp1b2/8/2PPr3/P3BN1P/1P2BPP1/R2Q1RK1 b – – 0 14

Ik wist dat De8 een bekend idee was, maar ook d5 is interessant. Uiteindelijk koos ik toch voor de beste zet: 14….De8 15.Ld3 Veel keus heeft wit niet, want er dreigde Pxd4. 15…Te7? Natuurlijk wist ik dat het idee van 14…De8 was om op e3 de kwaliteit te offeren. Na 15….Txe3 16.fxe3 Dxe3+ 17.Kh1 Pxd4 kan wit met 18.Te1 Df2 19.Tf1 remise forceren en Jan was dit ook van plan, maar ik maakte me zorgen over 18.Pxd4 Dxd4 19.Df3 c6 20.Df5. Zwart kan h7 echter gewoon met Dh4 verdedigen. Ook 18…Lxd4 is mogelijk, maar ik was opeens bang voor 19.Lxh7+. Ten onrechte, na 19…Kxh7 20.Dh5+ heeft zwart nog 20…Dh6 met winst. Nu staat zwart na 15…Te7 niet meteen verloren, maar wit heeft wel gekregen wat hij wil: loperpaar en ruimtevoordeel, en wat ik vreesde gebeurde ook: ik werd langzaam weggeschoven.

En het had nog erger kunnen zijn, want dit is de stelling die ik in de vierde ronde tegen Erwin kreeg:

4r1k1/p2pr1pp/1p3p2/n7/2bBPR2/2P3P1/P3P1BP/R3K3 w Q – 0 22 Erwin had een sterk nieuwtje gebracht, waar ik niet goed op reageerde. e4 is ten dode opgeschreven, andere pionnen zijn ook zwak en mijn loperpaar doet weinig. Uiteindelijk verloor ik niet e4 maar e2, maar ik kreeg zowaar wat activiteit:

2r3k1/1R1p2pp/p2R1pn1/2p1r3/4P1bP/6P1/PK3BB1/8 b – – 0 34 Ik droomde al van een a-pion die ondersteund door mijn loperpaar naar a8 zou gaan. Zover kwam het niet:

r5k1/3p2pp/p1b5/4R3/P6P/2K3P1/5B2/8 b – – 0 44

Hier kan zwart op op a4 slaan. Hij was bang dat Ld4 en Te7 gevaarlijk zou zijn, en dat was ook mijn plan, maar zwart kan Lb5, Tc8+ en Tc4 doen, dat lijkt me wel te winnen voor zwart. In plaats daarvan deed hij 44….Tf8 waarna de torens geruild werden en uiteindelijk deze stelling ontstond:

8/8/8/3p3p/6k1/5bP1/p4K2/B7 b – – 0 72

Zonder g- en h-pion had ik een simpele blokkade gehad, omdat de zwarte koning niet op de damevleugel kan binnendringen. Dankzij de koningsvleugelpionnen kan zwart met zijn koning wel op e4 komen, maar toevallig is het dan nog remise: 72…h4 73.gxh4 Kf4 74.Lb2 Ke4 75.Kf1 Ke3 76.Ke1 Met de pion op d4 zou zwart nu winnen met d3 Lc1+ d2+, maar zover komt het niet. Lh5 77.Lc1+ Kd3 78.Lb2 d4 Zwart kan met 78…Kc2 de witte loper winnen, maar wit gaat dan met zijn koning naar d4 en speelt zijn h-pion naar voren waarna die tegen de laatste pion van zwart geruild wordt. 79.Kf2 En nu heeft wit toch een vesting: de koning moet de d-pion blijven dekken en na Ke1 Ke3 heeft wit altijd Lc1+ en Lb2. Erwin probeerde het nog wat zetten maar gaf het toen remise.

In de vijfde ronde had ik het eindelijk makkelijk: na 16 zetten bood Friso in gelijke stelling (maar een uur achter op de klok) remise aan. Het zou mijn enige remise met zwart worden. Ik hoopte dat dat de ommekeer te zijn, en met wit tegen Robin van Kampen waren er twee momenten waarop ik voordeel had kunnen krijgen, maar ik liet de kansen liggen en hij hield vrij makkelijk remise. Het ergste moment van het toernooi kwam in de zevende ronde met zwart tegen Loek:

8/p2r2qk/1p4p1/1Pp2p1p/P1B1p2P/2B1Q1P1/5PK1/8 b – – 0 48

Na een afwikkeling waarin ik toren en twee pionnen tegen twee lopers kreeg liet ik wit kansen op actief spel liggen en kwam ik daarom passief te staan. De diagramstelling is volgens de computer gelijk, en het lijkt me ook remise, al moet zwart wel af en toe een enige zet daartoe vinden, makkelijk is het dus niet. Maar we zullen nooit weten of het mij gelukt zou zijn de stelling te keepen, want ik deed 48….Dh6?? en gaf na 49.Lg8+ op.

Maar tegen Wouter wist ik een toreneindspel met een pion meer te bereiken. Zou ik dan eindelijk gaan winnen?

R7/P4kp1/4p3/7p/5P2/6P1/r6P/7K w – – 0 39

Bij dit soort stellingen (met de pion op a7 en de toren op a8) gaat het erom of wit met zijn koning een zwakke pion van zwart kan winnen en/of een vrije f-pion kan maken. Op e6 staat een pion die wit kan proberen aan te vallen, maar met de koning op d7 houdt zwart zijn koning op f7 en zal niet in tempodwang raken. Wit kan vervolgens h3, g4, f5 en f6 spelen: die pion kan met koning noch toren slaan. Hij kan ‘m echter wel gewoon negeren. Stel nou echter dat zwart een keer g6 speelt, dan wint wit wel door met zijn koning naar d7 te spelen, omdat zwart dan niet de pion met zijn koning kan verdedigen. Zwart kan dan nog wel Ta6 doen, maar na Ke7 is hij dan in tempodwang en raakt de pion kwijt. Zwart heeft echter geen reden om g6 te spelen.

Een winstplan voor wit is om de h-pion tegen de g-pion te ruilen, vervolgens de h-pion naar h5 te spelen (en als zwart niet snel zijn koning van f7 naar h7 speelt, zelfs naar h6) en dan met de koning naar d7 te gaan. Het probleem is dat zwart dat laatste kan voorkomen.

39.Kg1 Ta4 40.Kg2 Een betere poging was 40.Kf2 om te hopen dat zwart 40…h4?? doet (waarna het witte winstplan wel werkt). 40…Kg6 41.Kh3 Ta3 42.Kh4 Ta4 43.h3 Ta3 En nu verdedigt zwart na 44.g4 hxg4 45.Kxg4 met Kh7! 46.h4 g6 47.Kg5 Kg7 48.Kg4 Kh7 en witte koning komt er niet uit. In de partij probeerde ik nog 44.Te8 maar Wouter hield het zonder problemen remise.

Inmiddels was mijn computer kapot en mijn voorbereiding op Anish was dus niet ideaal, maar toch bleek ik beter voorbereid en met zwart kreeg ik een best fijne stelling. Althans, dat dacht ik, en dat was ook zo, maar ik had toch dieper in de stelling moeten duiken.

rnbq1rk1/ppp3bp/6p1/4pp2/2P5/2P2NP1/P1Q1PPBP/R1B1R1K1 w – – 0 12

Tot hier kende ik het, hij was al eerder op eigen kracht bezig. 12.La3 Te8 Hier is ook 12…Tf7 mogelijk, om na 13.Tad1 Pd7 14.e4 f4 te doen. 13.e4 De Pc6 De computer vindt 13…f4 14.exf4 Pc6 15.f5 Df6 16.Lh3 Kh8 17.Tad1 gxf5 18.exf5 Lh6 (Jasper Geurink) in eerste instantie heel goed voor wit, maar na een paar minuten komt hij erachter dat zwart toch wel goeie compensatie voor de pion heeft. 14.exf5 Lxf5 15.Db3 Pa5 Snel gespeeld, maar als ik langer had nagedacht had ik 15…e4 met bijna gelijk spel gespeeld. 16.Da4 b6? Maar nu is het echt mis. Na 16…e4 is het nog steeds moeilijk voor wit om voordeel te behalen. Hij kan (tijdelijk) een pion winnen, maar blijft met de zwakke c-pionnen zitten. 17.Tad1 Dc8 Ik had gemist dat ik geen 17…Df6 kon doen wegens 18.Pxe5 18.Pg5! c6 19.c5! En weer moet zwart 19…e4 met vechtkansen doen. Na 19…Dc7? 20.Lb4 kon ik opgeven.

Zodoende kwam ik op 2 uit 9. Hoe nu verder? Eerst maar eens voorbereiden op het NK Magic the Gathering. Hopelijk doe ik het daar beter…


post Weer winst in Bussum

Vorig jaar schreef ik dat mijn overwinning bij het BSG Pinkstertoernooi niet zo’n bijzondere prestatie was. Dit jaar wordt het toch moeilijker om de prestatie te relativeren. 6.5 uit 7, punt voorsprong, twee grootmeesters verslagen, en ook goed gespeeld, wat valt er nog te klagen? Nouja, je zou ook kunnen zeggen dat ik aan het degenereren ben, vorige week haalde ik tenslotte 6 uit 6 (met ook twee keer een overwinning op een grootmeester), en bovendien was mijn tijdgebruik vorige week ook beter. Maar goed, 5.5 uit 7 leek me van tevoren al een goeie score, een punt meer had ik niet durven denken.

Ik won het toernooi (en de laatste drie partijen) vooral door eindspeltechniek. In de derde ronde had ik al een eindspel met een pion meer gewonnen, maar in de vijfde ronde moest ik het echt laten zien tegen een vaste gast van het toernooi, de Letse grootmeester Miezis.

5bk1/4np2/2q4p/p1Qp2p1/P5P1/1P1N1PB1/5K1P/8 b – – 0 36

Na de opening (“de vreemdste Siciliaan ooit” volgens de toernooisite) had ik geen voordeel, maar wel een originele stelling. In het vroege middenspel kreeg ik wel voordeel, dat gaf ik weg, maar hier maakte mijn tegenstander de fout dames te ruilen: 36.. Dxc5+ 37. Pxc5 Pc6 38. Pd7 Lg7 39. Lc7 Ld4+ 40. Ke2 f6 41. Pb8! Nu ontstaat er een lopereindspel waarbij wit volgens het bekende principe van twee zwaktes moet kunnen winnen: h6 is zwak, a5 is zwak, en het laatste voordeel zal ingeruild worden voor dat van de verre vrijpion. 41… Pxb8 42. Lxb8 Lb6 43. Ld6 Kf7 44. Kd3 44. b4 Ke6 45.Lc5 wint, maar had ik niet gezien. Wit moet echter oppassen met h6 ophalen: ik had eerst wel het plan naar f8 te gaan met mijn loper, maar zag dat de loper ingesloten zou raken. 44… Ke6 45. Lg3 Kd7 46. Le1 Kc6 47. b4 axb4 48. Lxb4 Lc7 49. h3 Le5 50. Lf8 Kb6

5B2/8/1k3p1p/3pb1p1/P5P1/3K1P1P/8/8 w – – 0 51

51. Kc2 Hier wint 51. Lxh6 Ka5 52. f4 gxf4 53. Lg7 maar mijn zet is ook goed genoeg. 51… Kc6 52. Kb3 Ld4 53. Lxh6 Kd6 54. f4 Le3 55. fxg5 fxg5 56. h4 Ke5 57. Lxg5 Ke4 58. a5 1-0 Zijn vlag viel, maar wit doet na 58…d4 gewoon 59.Kc2 en gaat daarna met zijn pionnen doorlopen.

Tegen de andere Letse grootmeester, V. Meijers, kreeg ik na de opening het voordeel van twee lopers tegen twee paarden. Wat is dan over het algemeen de strategie die je als loperpartij gebruikt? De paarden willen steunpunten, dus ga je met je pionnen zorgen dat de paarden die niet krijgen. Verder kun je elkaar dekkende paarden binden door ze aan te vallen. In dat licht zijn de volgende zetten logisch:

r1b3k1/pp2r1bp/3p2p1/3P4/8/1PN3P1/P3N1KP/2R2R2 b – – 0 23

23…g5! 24. h3 h5! Ik wilde g4 en Pg3 niet toestaan. 25. Tfd1 Ld7 26. Pd4 Te3 27. Pce2 Tae8 28. Td2

4r1k1/pp1b2b1/3p4/3P2pp/3N4/1P2r1PP/P2RN1K1/2R5 b – – 0 28

En nu is het tijd om te gaan cashen: 28…h4 29. g4 Lxd4 30. Pxd4 Tg3+ 31. Kh2 Tee3 32. Tc7 Txh3+ 33. Kg1 Lxg4 34. Txb7 Teg3+ 35. Tg2 Txg2+ 36. Kxg2 Td3 37. Pc6 h3+ 38. Kg1 Td1+ 39. Kf2 h2 40. Pe7+ Kf8 0-1

In de laatste ronde was er weer een mogelijk dilemma of ik remise moest geven of niet (net als vorige week in Spijkenisse, al vond de webmaster van de schaakbond dat ik dat dilemma niet had horen op te schrijven). De indeling zorgde er echter voor dat ik genoeg reden had om te spelen: ik stond een halfje voor op Afek die naast me tegen Miezis kon proberen me te achterhalen. Daarnaast had ik ook bijna 400 ratingpunten meer dan mijn tegenstander (Rob Witt), dus speelde ik gewoon maar en weer won ik een technisch eindspel. Afek (die een heel goed toernooi speelde, alle niet-grootmeesters onder zijn tegenstanders versloeg en zo weer met zijn rating boven de 2300 komt) kwam in de buurt van winst, maar won niet en zo werd het gat dus een punt (maar hij werd toch nog ongedeeld tweede). De Letse grootmeesters eindigden met de meesters Pliester en Van Kampen op de derde plaats.

Maar goed, dit geeft vertrouwen voor het NK!


post Succes in Spijkenisse

Afgelopen weekend werd in Spijkenisse een bijzondere traditie nieuw leven ingeblazen met het organiseren van een weekendtoernooi genaamd ‘Integratie schaaktoernooi’. In het verleden waren er diverse toernooien in Spijkenisse waarin vrouwen tegen mannen speelden, voor het laatst in 1995. na een lange pauze was er dit jaar een toernooi met twee open groepen (met relatief veel vrouwelijke deelnemers) en een hoofdgroep waarin drie vrouwen (Désiree Hamelink, Sophia Thoma en Zhaoqin Peng) tegen drie mannen (Rick Lahaye, Peter Ypma en ondergetekende) speelden. Helaas wisten de vrouwen echter niet het ongelijk van Donner aan te tonen: de mannen wonnen met maar liefst 13 1/2 tegen 4 1/2. Ik zelf werd de winnaar van de groep door al mijn partijen te winnen. Hieronder wat meer over de deelnemers van de zeskamp en wat partijfragmenten.

Van tevoren mikte ik natuurlijk op de toernooiwinst, al had ik niet verwacht al mijn partijen te winnen. Ik had ook sinds de laatste ronde van de KNSB niet meer gespeeld, en dit was mijn eerste toernooi sinds mijn rating boven de 2600 was gekomen. Het toernooi telde echter niet mee voor de fide-rating: van tevoren vond ik dat wel best, achteraf gezien is het natuurlijk jammer, dat waren toch weer 9 punten geweest (en hoe hoger je komt, hoe moeilijker punten te verdienen zijn!). Maar goed, het geeft wel vertrouwen dat er blijkbaar nog rek in mijn rating zit.

Mijn grootste concurrent was Rick Lahaye (tegenwoordig wonend in Nijmegen, maar nog steeds lid van de organiserende schaakvereniging) en hij maakte het ondanks al mijn overwinningen spannend door voor de laatste ronde maar een half punt achter te staan. Uiteindelijk eindigde hij op vijf uit zes door Désiree en Sophia twee keer te verslaan en tegen Peng een heel spannende en een vrij saaie remise te spelen. Die spannende remise had hij zowel kunnen winnen als verliezen, maar verder viel er op zijn tweede plek niets af te dingen.

Als regionale mannelijke jeugdschaker deed Peter Ypma uit Gouda mee. Hij heeft nog niet zo’n erg hoge rating (2160) maar hij stijgt wel ongeveer honderd punten per jaar, en als ie dat nog een tijdje volhoudt kan ie ver komen. Dit toernooi leek hij het verrassend goed te doen: hij begon met 2 uit 3, maar in de tweede turnus kwam daar maar een halfje bij, waarmee hij nog wel gedeeld derde eindigde. De remise tegen Peng met zwart was natuurlijk erg knap, maar de wedstrijdmentaliteit (vooral vechtlust) kan nog wel beter. Tegen Peng gaf hij vroeg op, zo vroeg dat Peng de opgave niet wilde accepteren (zodat de partij pas beslist werd nadat Peng aangetoond had een goede techniek te bezitten) en in zijn eerste partij tegen Désiree gaf hij remise in een stelling die goede winstkansen bood, en nog wel zonder risico:

6k1/p4pp1/1p2p3/1P2b3/4P3/1B3QP1/P2q2K1/8 w – – 0 34

Dame naar e1, pion naar g6, koning naar g7, dan een keertje f5 goed timen, wellicht g5-g4… het is wellicht nog wel remise, maar in de analyse wist ik het wel te winnen met zwart. Maar als je het niet probeert dan win je het niet, da’s logisch.

Peng had net met haar gezin een vakantie in een huisje achter de rug, maar hier was ze niet erg goed in vorm. Het speeltempo (2 uur voor de hele partij) is ook niet in haar voordeel; vaak kwam ze in tijdnood (en als je dat eenmaal bent, blijf je dat ook met dit tempo) en dan komen de fouten ook. Ik won zelf mijn eerste partij tegen haar redelijk overtuigend, maar in de tweede gebeurde er iets raars.

rnb1k2r/1pp3p1/3ppq1p/p4p2/1bPP4/1QN1PN2/PP3PPP/R3KB1R w KQkq – 0 9

De partij werd op zondagochtend vroeg gespeeld en bij het ontbijt (waar Peng er niet helemaal uitgeslapen uitzag) werden er ook grapjes gemaakt, in de trant van “Ik ga maar op een goedkope truc spelen in de opening”. Maar voortaan ga ik maar een minder grote mond hebben in deze stelling, want wat gebeurde er:

9.a3 a4?? Ik zat al een tijdje te azen op deze bekende truc, en normaalgesproken kan wit niet op b4 slaan omdat ze dan de dame verliest. Met de dame op f6 is het iets anders. Niemand in de zaal (inclusief de spelers zelf) had het echter door, ik zag het pas toen ik thuis de partij met Rybka aan invoerde… 10.Dxb4?? Dit kan nu wel, dat had ze goed gezien. Echter, na 10.axb4 axb3 11.Txa8 wint wit gewoon, zwart verliest nog een stuk. 10…Pc6 11.Pd5 exd5 12.Dc3 Le6 13.cxd5 Lxd5 14.Lc4 Df7
Enfin, lopers en dames werden geruild en er ontstond een eindspel met gelijke kansen. Dat kun je remise geven, maar we speelden door. Niet dat ik per se wilde winnen, maar ik vond het wat vroeg op remise aan te bieden. Na zet dertig had ze nog maar 14 minuten over, en hoewel de stelling nog steeds gelijk was, zag ik toen wel wat mogelijkheden ontstaan.

8/3kn3/1p1p2pp/5p2/p2P3P/Pr1N2P1/1P2KP2/2R5 w – – 0 31

Zwart heeft wat schijndreigingen, en de volgende zet kostte daarom zes minuten: 31. Tc3 Speelbaar, al krijgt zwart nu een plusje. Txc3 32. bxc3 Pd5 33. c4 Ook nog speelbaar, maar 33.Kd2 lijkt me eenvoudiger, en nu begon ik serieus aan winst te denken. 33…Pc3+ 34. Ke3 Pb1 Wint een pion, maar fataal is het nog niet. 35. Pb2 Pxa3

8/3k4/1p1p2pp/5p2/p1PP3P/n3K1P1/1N3P2/8 w – – 0 36

36. Kd3 Vooral niet 36.d5? Pc2+ 37.Kd2 a3! -+ d5 En nu moet wit kiezen, en met nog vijf minuten op de klok is dat niet eenvoudig… 37. Pxa4? 37.c5! b5 38.Kc3 Pc4 39.Pd3 is nog remise, te veel zwakke pionnen die het witte paard kan aanvallen. 37… Pxc4 38. Pc3 Kc6 Nu is het denk ik wel technisch gewonnen. Het winstplan is niet zo moeilijk, gewoon de normale strategieregels volgen: eigen stukken (paard/koning) proberen actief te hebben, die van de tegenstander passief houden, en vrijpionnen moeten ondersteund worden. Ik moest wel oppassen dat niet de g-pionnen geruild worden (b.v. als wit g4 doet en op Pxg4 kan reageren met Pf3 of Ph3), de g-pion ruilen tegen de d-pion is wel prima. Alle zetherhalingen zijn natuurlijk ook prima voor mij (vanwege de klok) maar dat bleek niet nodig. 39. Pe2 g5 40. hxg5 hxg5 41. Kc3 Kb5 42.Kb3 Pd2+ 43. Kc2 Pe4 44. f3 Pf6 45. Kb3 Ka5! 46. Pc1 Ph5 47. Pe2 g4 48. fxg4 fxg4 49. Pc3 Pxg3 50. Pxd5 Pf5 51. Kc3 g3 52. Pf4 Ph4 53. d5 Kb5 54. Kd4 g2 55.Pe2 Pf3+ 0-1

Désiree Hamelink is geloof ik al haar hele leven lid van Spijkenisse, net als haar vader. De laatste tijd is ze echter vanwege een drukke baan weinig actief als speler en besteedt ze op schaakgebied haar tijd voornamelijk aan training geven en organisatie (bij dit toernooi was ze de penningmeester). Eigenlijk was het ook niet de bedoeling dat ze zou meedoen, maar andere vrouwen met een behoorlijke rating hadden geen zin of tijd, dus combineerde ze nu maar de rol van organisator en speler. Ze zal er niet veel van verwacht hebben, en heel goed ging het ook niet: twee remises tegen Peter, twee nederlagen tegen Rick (hoewel ze met wit best goed kwam te staan) en twee nederlagen tegen mij, al was ze best taai. Met wit had ik 57 zetten (en goede techniek) nodig om het punt binnen te halen:

2rr2k1/1p3p2/p1n5/6P1/8/P4PB1/1P6/2RR2K1 b – – 0 35

Ik had een paar zetten eerder een pion gewonnen. Als de g-pion op g4 had gestaan, dan was de winst niet zo moeilijk geweest, maar met de pion op g5 heeft zwart een blokkade op de koningsvleugel. Dat was de reden dat ze alle torens ruilde, maar dat bleek toch niet zo verstandig. Ik had verwacht dat ze haar koning naar g6 (of f5) zou spelen, waarna ik mijn loper naar f4 speel, en dan een toren naar h6 (of d6) om die koning weer terug te dringen. Naast de stelling was de kloksituatie ook nog gunstig voor mij: ik had 45 minuten, zij nog 14 minuten. Ik had er dus wel vertrouwen in, want zelfs als de winst technisch lastig zou zijn, zou ik met heen en weer schuiven haar in tijdnood kunnen laten komen en zo fouten afdwingen. Dat bleek echter (net als tegen Peng) niet nodig.

35…Txd1+ 36. Txd1 Td8 37. Txd8+ Pxd8 38. Kf2 Pe6 39. f4 Kg7 40. Kf3 Kg6 41. Kg4 Pd4 42. Le1 Pf5 43. Lc3 Wit heeft het mooi staan nu: zwart kan alleen maar afwachten. Natuurlijk zijn er geen boodschappen te doen op g4 voor de witte koning, hij moest daar alleen even staan om de witte loper gelegenheid te geven op een beter veld te komen. Het eten is op de damevleugel te vinden.

8/1p3p2/p5k1/5nP1/5PK1/P1B5/1P6/8 b – – 0 43

Pe3+ 44. Kf3 Pd5 45. Ke4 Pe7 46. Ke5 Zo gauw wit met zijn koning naar de damevleugel gaat, zal zwart proberen f4 en g5 op te halen. Het is een kwestie van tempi dan, maar wit dicteert de zaken en kan bepalen onder welke omstandigheden de race plaatsvindt. 46… Pf5 47. a4 b5 48. a5 Kijk, dat scheelt al weer twee tempi, dat de pion op a5 in plaats van a3 staat. Ondertussen had Désiree nog maar twee minuten op de klok. 48…Pe3 49.Ke4 Pc4 50. b3 Pd6+

8/5p2/p2n2k1/Pp4P1/4KP2/1PB5/8/8 w – – 0 51

51. Kd5 Nu is de tijd gekomen om de grote overtocht te maken. De omstandigheden zijn nu zo gunstig, dat de witte a-pion al gepromoveerd zal zijn als zwart toegekomen is aan het snacken van de koningsvleugel. 51…Pf5 52. Kc6 Pg3 53. Kb6 Pe4 54. Le5 b4 55. Kxa6 En natuurlijk denk ik dan aan de beroemde lofzang van Hein Donner op de a-pion na de zet 43.Kxa6 in zijn partij tegen Velimirovic. Kleine randpion, je bent nu vrij. Ga je gang, op a8 wacht jou en mij de onuitsprekelijke heerlijkheid! 55…Pc5+ 56. Kb5 Pxb3 57. a6 1-0

Sophia Thoma uit Rotterdam had veruit de laagste rating van iedereen, en het was dus te verwachten dat ze ondanks haar talent het moeilijk zou krijgen. Dat bleek ook, want na vier ronden stond ze puntloos onderaan. Gelukkig won ze in de vijfde ronde een goede partij tegen Peter, anders had ik een dilemma gehad: wilde ik haar puntloos laten eindigen of gunde ik haar een halfje? Maar daar hoefde ik niet over na te denken. In de analyse van onze partijen merkte ik wel dat ik veel meer had gezien dan zij, maar toch was het niet makkelijk om van haar te winnen. In mijn zwartpartij kreeg ik na de zetten 8…g5, 9…f5 en 10…h5 tegen haar gerokeerde koning een goede stelling, maar ze wist terug te komen waarna ik het uiteindelijk toch weer opnieuw wist te winnen. In mijn witpartij ontstond een mooi plaatje:

r4r2/4qpkp/p1p1pnp1/2P1Q3/1P2NP2/4P3/6PP/R4RK1 b – – 0 21

De zogenaamde eeuwige penning. De partij was snel afgelopen: 21…Tfd8 22.Tfd1 22.g4 wint hier overigens een stuk tegen twee pionnen. 22…Txd1 22…Td5 leidt na 23.Txd5 cxd5 24.Pxf6 Dxf6 25.b5 tot een gewonnen toreneindspel voor wit. 23.Txd1 Td8 24.Td6 Tb8 25.Td4 Td8 26.Pxf6 1-0 Het had nog kunnen eindigen met 26…Txd4 27.Ph5+ Kh6 28.Dg7+ Kxh5 29.Dxh7+ Kg4 20.Dh3 mat.


post Schoonheidsprijs

In de achtste ronde van de KNSB-competitie verdiende ik met mijn overwinning op Helmut Cardon de schoonheidsprijs (wat overigens mijn eigen brainchild is). Naast dat er een prijsje aan vebonden is, is het natuurlijk ook leuk vanwege de artistieke waardering die eruitspreekt. Toch heb ik er een beetje gemengde gevoelens bij…

Bij het afgelopen Corustoernooi boekte ik in de achtste ronde een mooie overwinning op de Amerikaan Akobian, maar de dagprijs ging naar Giri (voor een partij die hijzelf als ‘niets bijzonders’ bestempelde). Twee ronden later verprutste ik tegen Harikrishna een totaal gewonnen stelling, maar net op het moment dat mijn tegenstander zelfs voordeel kon verkrijgen, maakte hij een blunder die in 1 zet verloor. En die partij leverde wel de dagprijs op… Nu herhaalt de geschiedenis zich een beetje: in de zevende ronde won ik tegen Erwin L’Ami een mooie partij, waar ik ook heel tevreden over was. Maar in de partij tegen Cardon verloor ik een kwaliteit door een blunder, die toevallig goed uitpakte. Goed, het hangt natuurlijk ook af van welke andere partijen in aanmerking komen, en dit keer werd mijn partij dus hoger gewaardeerd dan die van de concurrentie, al vind ik de motivatie in het juryrapport (“Heel origineel, vond Ligterink, maar hij constateerde een door De Jong gemiste kans op zet 21, die mogelijk remise had kunnen opleveren.”) wat vreemd (het zegt niet per se iets over de kwaliteit/schoonheid van het spel van Dvoretsky). Maar goed, prijs is prijs!

In het juryrapport staat ook een analyse van mijn partij, die echter niet helemaal klopt, o.a. omdat op zet 22 een verkeerde zet is ingevoerd. Ter vergelijking zal ik ook mijn eigen analyse van de partij geven.

Older Posts

Weer winnaar OGD weekendtoernooi in Delft!

EK in Rijeka (2)

EK in Rijeka (1)

Corus B 2010

Reinderman-L’Ami en de zoektocht naar de speelzaal